The Press Junction.
The Press Junction.
12 mei 2026

Gendergelijkheid gaat erop vooruit in de EU, maar de pensioenkloof blijft bestaan

©Ignat Kushnarev via Unsplash

Er gaapt in de hele EU een kloof tussen de pensioenen van mannen en vrouwen, zowel in de gemiddelde als in de mediane bedragen die zij ontvangen.

Ondanks aanzienlijke vooruitgang in de vertegenwoordiging van vrouwen in leidinggevende functies en een kleiner wordende loonkloof tussen mannen en vrouwen, zal volledige gendergelijkheid in de EU volgens de Index van het Europees Instituut voor Gendergelijkheid nog zeker 50 jaar op zich laten wachten.

Een terrein waar nog veel winst te behalen valt, is het pensioen: nieuwe cijfers van Eurostat laten immers zien dat het gemiddelde pensioen voor vrouwen van 65 jaar of ouder in de EU in 2024 24,5% lager lag dan dat van mannen.

Uitgesplitst per land had Malta de grootste pensioenkloof tussen mannen en vrouwen, waarbij vrouwen gemiddeld zo’n 40% minder ontvingen dan mannen. Daarna volgden Nederland (36,3%) en Oostenrijk (35,6%).

Aan de andere kant van het spectrum waren de kleinste verschillen te zien in Estland (5,6%), Slowakije (8,4%) en Tsjechië en Hongarije (beide 9,6%).

Deze percentages steken gunstig af bij de landen onderaan de ranglijst, maar de algemene trend in de EU laat zien dat er nog een lange weg te gaan is.

Een vergelijkbaar beeld ontstaat wanneer naar mediane pensioenen wordt gekeken: daarbij ontvingen vrouwen in de EU 24,9% minder dan mannen.

Luxemburg kende de grootste kloof (43,3%), gevolgd door Spanje (41,1%) en Nederland (39,6%).

Helemaal onderaan noteerde Estland zelfs een kloof van -0,3%, wat betekent dat het mediane pensioen van vrouwen daar net iets hoger lag dan dat van mannen. Daarna volgden Hongarije (0,4%) en Denemarken (2,7%), waar de bedragen bijna gelijk waren.

Vrouwen lopen meer risico op armoede dan mannen

Toch liepen vrouwen van 65 jaar of ouder in 22 EU-landen een groter risico op armoede dan mannen, zo blijkt uit cijfers van Eurostat.

Op EU-niveau bedroeg het verschil in het armoederisico (AROP) tussen mannen en vrouwen van 65 jaar of ouder in 2024 -5,6%, wat erop wijst dat vrouwen duidelijk in het nadeel waren.

Dat gold in het bijzonder voor Malta (-18,6%), Litouwen (-13,3%), Oostenrijk (-13%) en Portugal (-12,5%).

Slechts vijf landen lieten het omgekeerde beeld zien, waarbij mannen een groter risico liepen dan vrouwen: Luxemburg (1,9%), Zweden (1,3%), Denemarken (0,7%), België (0,48%) en Slovenië (0,39%).

Volgens Eurostat zijn de genderverschillen in het armoederisico groter onder 65-plussers dan onder mensen jonger dan 65 jaar. Dat geldt echter niet voor alle landen.

Op EU-niveau bedroeg het genderverschil in het AROP-cijfer -1,9% voor vrouwen jonger dan 65 jaar en -5,6% voor vrouwen van 65 jaar of ouder.

Het verschil was vooral groot in Portugal (8,4% voor vrouwen jonger dan 65 jaar en -12,5% voor vrouwen van 65 jaar of ouder, goed voor een verschil van -20,9%), Litouwen (een verschil van -20,0%), Ierland (-18,7%) en Bulgarije (-17,2%).

Hoewel oudere vrouwen over het algemeen een groter risico op armoede liepen (ten opzichte van mannen van dezelfde leeftijd) dan jongere vrouwen, was in sommige landen juist het tegenovergestelde het geval.

Luxemburg noteerde een verschil van 9,2%, gevolgd door Slovenië (4,1%), Denemarken (2,5%), Duitsland (1,3%) en Frankrijk (0,7%) — deze positieve verschillen laten zien dat jongere vrouwen relatief sterker benadeeld waren ten opzichte van mannen dan oudere vrouwen.

Delen: