Eén korte rit met een vrachtwagen, één reuzensprong voor de deeltjesfysica.
Wetenschappers hebben antimaterie, enkele van de zeldzaamste deeltjes in het universum, voor het eerst uit het lab gehaald en de weg op gestuurd: dit gebeurde in een zorgvuldig gecontroleerd vrachtwagenexperiment dat de manier waarop ze wordt bestudeerd ingrijpend kan veranderen.
In de Antimateriefabriek van CERN bij Genève vervoerden onderzoekers zo’n 100 antiprotonen per vrachtwagen in een speciaal ontworpen container. Het experiment dat zo'n vier uur duurde, moest aantonen dat de antiprotonen veilig kunnen worden verplaatst.
Antimaterie is berucht fragiel. Zodra antiprotonen in contact komen met normale materie, zelfs maar een fractie van een seconde, worden ze vernietigd en komt er energie vrij.
Om dat te voorkomen zijn de antiprotonen opgesloten in een kubusvormige box van ongeveer één kubieke meter, een zogeheten “transporteerbare antiprotonenval”. Die maakt gebruik van speciale magneten die zijn gekoeld tot -269 graden Celsius (-452 graden Fahrenheit) en maakt het mogelijk de antiprotonen in een vacuüm op te hangen, zodat ze de binnenwanden, die immers van materie zijn gemaakt, niet raken.
De rit van een half uur moest uitwijzen of de deeltjes ook buiten de gecontroleerde laboratoriumomgeving gevangen konden blijven.
Waarom is het belangrijk om antimaterie te kunnen vervoeren?
Waarom zoveel gedoe om antimaterie? Ze bevat aanwijzingen voor een van de grootste raadsels in de wetenschap: waarom het universum bestaat in de vorm die we nu zien, zo zegt deeltjesfysicus professor Tara Shears van de Universiteit van Liverpool, die niet bij het project betrokken is.
"Antimaterie is een van de grootste mysteries die we in de wetenschap hebben. Ze is om te beginnen al extreem zeldzaam, waardoor we haar tot nu toe maar heel beperkt hebben kunnen bestuderen", zo zegt Shears. "Maar ze bevat de sleutel tot ons begrip van waarom het universum letterlijk is zoals het is, want het fundamentele probleem voor ons is dat, toen het universum aan zijn bestaan begon, de helft ervan uit antimaterie bestond."
Het experiment is een eerste stap richting het vervoeren van antiprotonen naar gespecialiseerde laboratoria elders in Europa – zoals de Heinrich Heine Universiteit in Düsseldorf, normaal gesproken zo’n acht uur rijden – voor zeer precieze metingen. Maar dat realiseren is allesbehalve eenvoudig.
"Op het moment dat deze antimaterieprotonen in contact komen met normale materie, vernietigen ze elkaar. Ze verdwijnen simpelweg in een wolkje licht," zegt professor Alan Barr van de Universiteit van Oxford.
Volgens hem is de grote uitdaging in dit experiment om precies dat te voorkomen. "De technologie houdt antimaterieprotonen gevangen in een ultrakoud vacuüm, opgesloten door krachtige elektrische en magnetische velden. Ze zorgt er letterlijk voor dat ze de wanden van de container niet raken. Dit transport laat zien dat we in de toekomst dit soort verplaatsingen routinematig kunnen doen en antimaterie in detail kunnen bestuderen," aldus Barr.
Hij benadrukt dat je, door jezelf te dwingen zulke extreem moeilijke dingen te doen, "wordt gedwongen om technologieën uit te vinden die uiteindelijk ook elders worden gebruikt. Dat is niet waarom we dit doen, maar het is wel wat er als neveneffect gebeurt."
Welke doorbraken kunnen uit deze ontwikkeling voortkomen?
Shears stelt dat CERN aan een lange ontdekkingsreis is begonnen en dat we ons nu nog niet kunnen voorstellen welke voordelen dit in de toekomst voor de mensheid kan opleveren: "Ik weet zeker dat dit (zal) leiden tot toepassingen buiten dit vakgebied. Ik kan u alleen op dit moment nog niet vertellen welke, omdat we daar nog niet over hebben nagedacht. Maar dat komt wel," zegt ze.
De Heinrich Heine Universiteit geldt als een geschiktere plek om antiprotonen diepgaand te bestuderen, omdat CERN, met al zijn andere activiteiten, veel magnetische interferentie genereert en dat kan metingen aan antimaterie verstoren.
Maar om ze daar te krijgen, moeten die antiprotonen onderweg koste wat kost voorkomen dat ze ergens mee in aanraking komen.
Er is nog werk aan de winkel: de val kan nu maximaal vier uur autonoom functioneren, terwijl de rit naar Düsseldorf twee keer zo lang in beslag neemt.
(©Euronews 2026 / Managing Editor: Yves Peeters - The Press Junction /Picture: picture alliance/dpa | Christiane Oelrich)
Kremlin hint op “naderend einde” van oorlog in Oekraïne
- 12 mei 2026 12:40
