The Press Junction.
The Press Junction.
12 mei 2026

Sterke toename aantal vrouwelijke wetenschappers en ingenieurs in de EU

©Julia Koblitz via Unsplash

Hoewel het aantal vrouwelijke wetenschappers en ingenieurs in de EU het afgelopen decennium is toegenomen, zijn vrouwen in deze vakgebieden nog altijd sterk ondervertegenwoordigd.

De bètasector is een belangrijke banenmotor in Europa: in 2024 waren in de EU meer dan 73,8 miljoen mensen tussen 25 en 64 jaar werkzaam in wetenschap en technologie. Een groeiend deel van hen is vrouw: het aantal vrouwelijke wetenschappers en ingenieurs in de EU steeg van 3,4 miljoen in 2008 naar 7,9 miljoen in 2024, zo blijkt uit de nieuwste cijfers van Eurostat.

Toch bestaan er nog altijd grote verschillen tussen de afzonderlijke sectoren. Vrouwelijke onderzoekers zijn in het hoger onderwijs (44%) en de publieke sector (45%) bijna in evenwicht met mannen, maar in het bedrijfsleven zijn ze fors ondervertegenwoordigd (22%), aldus het She Figures 2024-rapport van de Europese Commissie. Daarnaast vormen vrouwen slechts 25% van de zelfstandige beroepsbeoefenaars in wetenschap en techniek en in de ICT.

“Genderscheiding blijft een uitdaging op de arbeidsmarkt. Er is echter een geleidelijke trend richting omkering hiervan, wat wijst op langzame maar gestage vooruitgang richting gendergelijkheid”, merkt het She Figures-rapport op.

Binnen de EU werden de hoogste aandelen vrouwelijke wetenschappers en ingenieurs gemeten in Letland, met 50,9%, Denemarken, met 48,8%, en Estland, met 47,9%. Daartegenover stonden de laagste aandelen in Finland, met 30,7%, Hongarije, met 31,7%, en Luxemburg, met 32,4%.

In sommige delen van Europa vormen vrouwen zelfs een groter deel van de wetenschappers dan mannen. In elf regio’s in Spanje, Portugal, Polen, Bulgarije, Zweden en Letland werkten relatief meer vrouwelijke dan mannelijke wetenschappers, aldus Eurostat.

Zo telden de Spaanse Canarische Eilanden het hoogste aandeel vrouwelijke wetenschappers en ingenieurs, met 58,8%. Daarna volgden de Portugese eilandengroepen de Azoren en Madeira, met respectievelijk 57,3% en 56,4%.

Aan de andere kant van het spectrum werd het kleinste aandeel vrouwelijke wetenschappers en ingenieurs gemeten in de Hongaarse regio Közép-Magyarország (30,0%), de Finse regio Manner-Suomi (30,7%) en Sud in Italië (31,1%).

Vrouwen die buiten de EU zijn geboren, werken minder vaak als wetenschapper of ingenieur (36%) dan vrouwen die in een andere EU-lidstaat zijn geboren (43%) en vrouwen die geboren zijn in de EU-lidstaat waar zij werken (42%).

Het laagste aandeel van buiten de EU geboren vrouwen die als wetenschapper of ingenieur werkzaam zijn, is te vinden in Luxemburg (21%) en in Nederland (26%).

Delen: