Donald Trump heeft verklaard "het volledige" South Pars-gasveld van Iran te vernielen als Teheran opnieuw Qatarese gasvelden aanvalt. De waarschuwing volgt nadat Iran, als vergelding voor een Israëlische aanval op zijn gasveld, de grootste Qatarese installatie in Ras Laffan bestookte. Dit leidde wereldwijd tot verontwaardiging.
Iran heeft zijn aanvallen op grote energie-installaties in het Midden-Oosten opgevoerd. Dat lokte donderdag felle waarschuwingen uit de Golfstaten uit. Zij spraken van een gevaarlijke escalatie die dreigt hen in een direct militair conflict met Teheran te slepen.
Woensdag, als reactie op een aanval op het South Pars-gasveld, voerde Teheran vergeldingsaanvallen uit op Ras Laffan, het grootste gasveld van het naburige Qatar. Volgens Doha was er sprake van "aanzienlijke schade", wat een diplomatieke breuk tussen beide landen veroorzaakte.
Qatar verklaarde na de aanval de militaire en veiligheidsattachés van de Iraanse ambassade persona non grata en liet in eerste reacties weten dat de schade nog werd opgenomen. De aanvallen volgen op de moord door Israël op de Iraanse inlichtingenminister en de aanval op ’s werelds grootste aardgasveld in Iran. De oorlog voert de druk op de economische ruggengraat van de regio op: energie.
Qatar, Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten veroordeelden unaniem de Iraanse aanvallen op hun gasvelden. De Saoedische minister van Buitenlandse Zaken, Faisal bin Farhan Al Saud, stelde dat de aanvallen op het koninkrijk betekenden dat "het weinige vertrouwen dat er nog was, volledig in duigen is gevallen".
Het blijft onduidelijk welke militaire stappen de Golfstaten kunnen nemen. Tot nu toe proberen zij te voorkomen dat ze samen met de Verenigde Staten en Israël betrokken raken bij de oorlog. Die oorlog gaat nu zijn derde week in.
Hoewel Israël de aanval op het South Pars-gasveld niet heeft opgeëist, beloofde minister van Defensie Israel Katz meer "verrassingen" nadat hij eerder had aangekondigd dat bij een luchtaanval de Iraanse inlichtingenminister Esmail Khatib was gedood, in een poging de leiding in Teheran te onthoofden.
Iran veroordeelde de aanval op South Pars scherp. De Iraanse president Masoud Pezeshkian waarschuwde voor "oncontroleerbare gevolgen" die "de hele wereld in hun greep kunnen krijgen".
De Amerikaanse president Donald Trump leek de Israëlische verantwoordelijkheid impliciet te bevestigen en gaf aan dat Israël inderdaad achter de aanval zat. Die aanval kwam volgens hem voort uit "woede over wat zich in het Midden-Oosten heeft afgespeeld" en trof een "relatief klein deel" van het veld.
Trump ontkende in een bericht op Truth Social echter snel elke betrokkenheid of voorkennis van Amerikaanse zijde: "De Verenigde Staten wisten niets van deze specifieke aanval, en het land Qatar was op geen enkele manier, vorm of wijze hierbij betrokken, noch had het enig idee dat dit zou gebeuren", schreef de Amerikaanse president.
Trump merkte op dat Iran niet op de hoogte was van de feiten rond de aanval voordat het zijn vergeldingsaanvallen op Qatar uitvoerde, een Amerikaanse bondgenoot in de regio. Hij veroordeelde de aanvallen op de energie-infrastructuur van Doha als "onrechtvaardig" en "oneerlijk".
Ook beloofde hij dat "ISRAËL GEEN ENKELE AANVAL MEER ZAL UITVOEREN met betrekking tot dit uiterst belangrijke en waardevolle South Pars-veld".
Die diplomatieke toon maakte echter snel plaats voor dreigende taal. De Amerikaanse president waarschuwde Iran dat het zijn aanvallen op energievoorzieningen in de regio moet staken of de toorn van het Amerikaanse leger riskeert. Dat zou volgens Trump schade veroorzaken met "langdurige gevolgen".
"De Verenigde Staten van Amerika zullen, met of zonder de hulp of instemming van Israël, het volledige South Pars-gasveld op enorme schaal vernielen, met een kracht en macht die Iran nog nooit eerder heeft gezien of meegemaakt", schreef Trump. "Ik wil dit niveau van geweld en vernietiging niet goedkeuren vanwege de langetermijngevolgen die het zal hebben voor de toekomst van Iran, maar als de Qatarese lng nog eens wordt aangevallen, zal ik niet aarzelen dit toch te doen."
De aanvallen verergeren de zich ontvouwende wereldwijde crisis van de olieprijs verder: energie-exporten blijven worden geblokkeerd en Teheran houdt de onschatbare Straat van Hormuz, waarlangs ongeveer 20 procent van de mondiale energievoorziening loopt, feitelijk gesloten.
In aanloop naar de aanval schommelde de prijs van Brent-olie rond de 100 dollar per vat, al een stijging van 40 procent ten opzichte van de situatie voor de oorlog. Na de aanvallen op de energievelden van Iran en Qatar schoot de prijs omhoog naar 108 dollar per vat.
De situatie op het slagveld is even nijpend als in de voorgaande dagen. De Verenigde Staten en Israël blijven Teheran dagelijks bestoken met zware luchtaanvallen, die weer Iraanse vergeldingsacties tegen Israël en de bredere regio uitlokken, met name tegen de Golfstaten.
Ook in buurland Libanon nemen de Israëlische aanvallen in hevigheid toe. Daar bestookt het Israëlische leger dagelijks doelen die volgens Jeruzalem gelinkt zijn aan de door Iran gesteunde Hezbollah-beweging.
Het dodental loopt in alle zwaar getroffen gebieden op. Volgens de Iraanse autoriteiten zijn tot nu toe bijna 1.450 mensen gedood en raakten meer dan 18.500 anderen gewond. In Israël zijn sinds het uitbreken van de oorlog op 28 februari 17 mensen omgekomen en bijna 4.000 gewond geraakt.
Het Libanese ministerie van Volksgezondheid meldde in zijn laatste cijfers dat Israëlische aanvallen 912 mensen in Libanon hebben gedood. Aanvallen op de Golfstaten eisten in totaal 21 doden. Het dodental aan Amerikaanse zijde bleef onveranderd op 13, allen militairen.
(©Euronews 2026 / Managing Editor: Yves Peeters - The Press Junction /Picture: picture alliance / Captital Pictures | RS/MPI)
Kremlin hint op “naderend einde” van oorlog in Oekraïne
- 12 mei 2026 12:40
