© picture alliance / HMB Media | Marco Bader
Het aanhoudende conflict in het Midden-Oosten, dat heeft geleid tot de sluiting van de Straat van Hormuz en tot verstoringen in de aanvoer van energie, kunstmest en andere essentiële grondstoffen, zal volgens de OESO een aanzienlijke druk uitoefenen op de wereldeconomie.
Volgens de ramingen van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling zal de wereldwijde groei dit jaar vertragen tot 2,8% (een daling ten opzichte van 3,4% in 2025) en zich in 2027 gedeeltelijk herstellen tot 3,1%. De inflatie in de G20-economieën zal dit jaar naar verwachting gemiddeld 4% bedragen en volgend jaar 3,1%.
"Hoe het conflict in het Midden-Oosten zich verder zal ontwikkelen, blijft onzeker, maar de economische gevolgen zullen waarschijnlijk nog geruime tijd voelbaar blijven, zelfs nadat het conflict is opgelost", zo meldt de OESO in zijn Outlook 2026.
Aziatische economieën zijn bijzonder kwetsbaar, aangezien landen als India, de Filippijnen en Vietnam sterk afhankelijk zijn van energie-importen uit het Midden-Oosten. De olievoorraden zijn in zowel april als mei al met meer dan 100 miljoen vaten gedaald.
In de VS vertraagt de groei licht tot ongeveer 2%, terwijl de eurozone harder wordt getroffen, met een groei die dit jaar bijna halveert tot 0,8%. Investeringen in AI en nooduitgaven van de overheid worden genoemd als buffers op korte termijn.
Wat als de energieprijzen hoog blijven?
In een pessimistischer scenario, met blijvend hoge energieprijzen en grotere tekorten, zou de wereldwijde groei volgend jaar kunnen instorten tot 1,8%, zou de inflatie meer dan een procentpunt hoger liggen en zouden sommige landen in een recessie kunnen belanden. De hoofdeconoom van de OESO waarschuwde dat dit ongeveer de helft zou zijn van het gemiddelde wereldwijde groeipercentage van de afgelopen 25 jaar, waardoor huishoudens en bedrijven in “een zeer benarde situatie” terecht zouden komen.
Wat kunnen beleidsmakers doen?
De OESO geeft ook enkele aanbevelingen voor beleidsmakers. Enerzijds moet het monetair beleid waakzaam blijven: "Centrale banken in zowel ontwikkelde als opkomende economieën moeten waakzaam blijven en alert zijn op verschuivingen in de risicobalans rond economische en financiële ontwikkelingen, om ervoor te zorgen dat de onderliggende inflatiedruk duurzaam onder controle blijft."
Anderzijds moeten overheden de steunmaatregelen aan huishoudens en bedrijven als antwoord op de energiecrisis gericht en tijdelijk blijven: "De maatregelen moeten niet alleen tijdig, gericht en tijdelijk zijn, maar ook prikkels voor energiebesparing in stand houden", zo klinkt het. "Als de groei aanzienlijk afzwakt, zoals in het scenario van langdurige verstoring, zal het begrotingsbeleid de nodige stimulansen moeten bieden om de productie op peil te houden, gezien de beperkte ruimte die het monetaire beleid hiervoor heeft."
